Vandaag rijden we richting het Pangson meer. We gaan over de Changla, een pas van 5360 meter hoogte. Het is een route die we ’s anderendaags in omgekeerde richting moeten doen. Het is weer een mooie dag om te rijden. Ikzelf volg de route samen met Henk in de taxi. Het is een naar Indische begrippen luxueuze taxi. De voorruit is wel gebarsten maar dat is maar een detail. De route loopt, zoals we gewoon zijn, weer langs de mooiste landschappen. Foto’s spreken voor zich. Onderweg komen we een aantal Yaks tegen. Op de Changla is het redelijk koud en we blijven daar dan ook niet te lang. In de afdaling is er een moeilijke passage met grote keien. Iedereen komt hier goed door. Daarna een checkpoint waar ze onze permits controleren en we allemaal eigenhandig onze gegevens in een groot logboek moeten schrijven.

Daarna komen we bij ons guesthouse aan in Tankse. Boven onze logies is er op een rots een klein monastery gebouwd. De kamers zijn voor onze begrippen tot op heden vrij luxueus. Onze kok zorgt weer voor een gevarieerd avondmaal dat we buiten verorberen. Het is wel redelijk koud. Onze crew heeft anderzijds weer voor de nodige klepkes gezorgd die we koelen in de naastlopende beek. We kruipen hier gezien de koude weer allemaal vrij vroeg onze nest in.