Wanneer ik dit schrijf zijn er reeds drie dagen op de Royal Enfields gepasseerd. Internet is zoals verwacht niet echt makkelijk te vinden en vandaar nu een verslag van de eerste drie dagen.

Vanuit Dehra Dun rijden we onmiddellijk het Indische verkeer in. Heel de groep past zich makkelijk aan en de eerste dag rijden we reeds over de meest verscheiden wegen. Het gaat van hobbelweg, over asfaltweg naar onverharde weg. Kortom niks onoverkomelijk. Het landschap, we rijden nu door de lage Himalaya, is groen, groen, groen.

Moeilijk te omschrijven, maar na een lange dag komen we aan in Barkot waar we toch wel onze klepkes kunnen drinken. Tot hiertoe heeft enkel ons Carola last van Scheiterij.

Onderweg hebben we redelijk pittige passages gekregen en Robert belooft ons voor vandaag meer van hetzelfde.

We rijden over allerhande “wegen” langs adembenemende landschappen. Moeilijk te omschrijven maar alles lijkt hier groter en de proporties zijn navenant. Op het einde van de dag komen we in zeer druk verkeer terecht Weer heel moeilijk te omschrijven, maar alles wat je ooit over Indisch verkeer hebt gehoord is waar en zwaar onderdreven. Gezien het al enkele dagen niet geregend heeft is er hier een stofwolk om U tegen te zeggen. We zij allemaal vergeven van de stof als we in het hotel aankomen. Onze kelen zijn houtschors maar na wat aandringen krijgen we toch onze welverdiende pint. We kunnen in de tuin zitten maar we moeten wel zelf onze stoelen buiten sleuren. In elk geval, ook hier hebben we weer een lekker avondmaal.

Volgende dag blijkt onzen “Arsene” ziek te zijn. Hij heeft wat koppijn en “scheiterij”. Na wat overleg beslist hij om toch met de motor mee te rijden. Het blijkt een redelijk pittige rit te zijn met veel waterpassages, slijkdoortochten en andere hindernissen. Uiteindelijk helpen de pillen van David en Kathy redelijk goed. Met den Arsene komt het goed.

De rit zelf is moeilijk onder woorden te brengen maar de foto’s moeten normaal voor zich spreken. Een onvoorstelbaar mooi landschap, gekruid met Indische specerijen. Dit staat voor kleurrijk, vriendschappelijk, en al de schoolkinderen die je bij de passage onvoorwaardelijk begroeten. Het enthousiasme gaat soms erg ver. Kinderen willen in het passeren handje klap doen. Op zeker moment wil een kind dit doen. Onbesuisd sprint het echter voor de motor en hebben we een bijna-aanrijding, gelukkig zonder verdere gevolgen.

Ondertussen is den arsene biina genezen en naderen we onze bestemming. Het “klooster” waar we gaan overnachten staat tegen de bergflank. Voor we dit bereiken is er een paard dat problemen heeft met de Michaël. Op een smalle bergweg besluit dit paard juist voor de Michael van koers te veranderen. Hij dient te remmen en wijkt uit waardoor hij ten val komt, een paar kilometer voor bestemming. Op onze bestemming blijkt er enkel wat blikschade te zijn en kunnen we van onze dagelijkse portie klepkes genieten.